AGENDA

Woensdag 9 mei

OTTERSPOREN IN HET NAARDERMEER

In november 2016 werd de otter voor het eerst sinds 50 jaar gespot bij de faunapassage tussen de Ankeveense Plassen...

In november 2016 werd de otter voor het eerst sinds 50 jaar gespot bij de faunapassage tussen de Ankeveense Plassen en het Naardermeer. Na de come back van dit zeldzame dier werd het in 2017 een paar keer vastgelegd op cameravallen op diverse plekken in het Naardermeer. Maar het was alweer een tijdje stil. Totdat gisteren Marcel Vos (Waternet) ottergeil vond. Dit betekent dat de eerste waarnemingen geen incidenten waren, maar dat de otter zich echt thuis voelt in het Naardermeer. En dat is geweldig nieuws! 

 

Ottersporen 

Het ottergeil is een van de sporen die otters achterlaten. Het is een geleiachtige substantie die zowel mannetjes als vrouwtjes otters verspreiden op opvallende plekken zoals steigers, zandige oevers en op loopplanken onder bruggen, zodat de geur verspreid kan worden door de wind. Het ottergeil in het Naardermeer was afgezet op een hogere rietpol. De naam laat het al raden: het ottergeil heeft als functie seksuele signalen af te geven. Naast het ottergeil, wat overigens heel sterk ruikt, kan je de aanwezigheid van otters ook herkennen aan spraints, otterpoep, krabhopen, wissels en pootafdrukken.

 

Eerste otter sinds vijftig jaar
Het Naardermeer is het eerste beschermde natuurgebied van Nederland en is door de natte natuur uitstekend geschikt als leefgebied voor de otter. De otter liet zich echter bijna 50 jaar lang niet zien in het Naardermeer. In de winter van 1967 zijn de laatste ottersporen in de sneeuw gevonden, vlakbij de eendenkooi in het Naardermeer. In 2010 werd een otter gespot in de nabijgelegen Vechtplassen, maar dit dier werd enkele maanden later doodgereden.

 

Zeldzaam 
De otter stierf in 1988 uit in Nederland en heeft sinds de herintroductie in 2002 moeite om weer een plekje te vinden. De otter is een prachtig en waardevol dier voor de Nederlandse natuur. Als roofdier staat hij aan de top van de voedselpiramide en zijn aanwezigheid zegt veel over de kwaliteit van de natuur en het water in het Naardermeer. De otter is een ambassadeur voor de zoetwaternatuur en internationaal bedreigd. Het verkeer vormt het grootste gevaar voor de otter. Van de weinige otters in ons land worden er helaas heel erg veel doodgereden, zo’n 1/3e van de populatie!

 

Natuurverbinding groot succes
Het Naardermeer en de Ankeveense Plassen werden tot 2013 van elkaar gescheiden door de drukke provinciale weg N236. Natuurmonumenten en de provincie Noord-Holland bundelden hun krachten om beide natuurgebieden met elkaar te verbinden. Onder de weg liggen nu twee grote faunapassages van respectievelijk 60 en 80 meter breed en vormen de breedste natte faunapassage van Nederland. De otter heeft het Naardermeer veilig bereikt via deze passage en heeft nu ook de mogelijkheid om zich te verplaatsen tussen deze twee moerasgebieden. De faunapassage heeft het Naardermeer uit haar isolement gehaald en daar maakt niet alleen de otter dankbaar gebruik van. Ook reeën, vossen en hazen maken intensief gebruik van deze onderdoorgang.

Of de otter zich definitief zal vestigen in het Naardermeer blijft nog even spannend, maar de voortekenen zijn in elk geval goed!

Lees meer
Woensdag 23 mei

ZEER ZELDZAME SIERLIJKE WITSNUITLIBEL IN HET NAARDERMEER

Luc Hoogenstein, boswachter van Natuurmonumenten, kan zijn geluk niet op. Gisteren zag hij de sierlijke witsnuitlibel...

Luc Hoogenstein, boswachter van Natuurmonumenten, kan zijn geluk niet op. Gisteren zag hij de sierlijke witsnuitlibel in het Naardermeer. Nog nooit werd de sierlijke witsnuitlibel hier eerder gezien. ‘Ik zat er al een beetje op te azen: de sierlijke witsnuitlibel,’ geeft de dolblije boswachter toe. ‘Als ik me niet vergis was de laatste waarneming in de provincie Noord-Holland in 1920 in Ankeveen, hier vlakbij. Maar de soort doet het goed in laagveenmoerassen met een goed ontwikkelde waterplantenvegetatie, dus ik had al een stille hoop dat ik de libel, te herkennen aan het achterlijf met duidelijke knotsvormige verbreding en wit achterlijfsaanhangsel, hier zou kunnen ontdekken.’

 

Prijsvraag 

Dat boswachter Hoogenstein er vertrouwen in had dat de libel in het Naardermeer zou leven bleek wel uit de prijsvraag die hij nog geen week eerder uitschreef onder de vaargidsen: degene die de sierlijke witsnuitlibel als eerste zou ontdekken kreeg een taart. Maar het was Hoogenstein zelf die gisteren samen met stagiair Vincent Koorevaar, de libel zag. ‘In de verte zag ik op een plompenblad een libel zitten en ik wist meteen dat het hem weleens zou kunnen zijn. We zetten onmiddellijk de motor uit en Vincent heeft de boot heel voorzichtig met een stok richting het plompenveld geduwd. Zelf lag ik al plat voor in de boot met mijn camera in de aanslag. Toen we dichterbij kwamen en ik zeker wist dat het de sierlijke witsnuitlibel was, wilde ik het liefst een gat in de lucht springen, maar dan zou het beestje er natuurlijk vandoor gaan. Geweldig dat we de sierlijke witsnuitlibel nu echt gezien hebben en ook nog eens met de camera hebben vastgelegd, ’aldus een enthousiaste Hoogenstein.

 

Landelijke verspreiding

In het begin van de 20e eeuw leefden er verschillende populaties in het zuiden van Nederland, maar die zijn langzaamaan verdwenen. In 2006 dook de sierlijke witsnuitlibel op in de ENCI-groeve bij Maastricht, maar in 2007 en 2008 kon de soort daar niet worden teruggevonden. In 2010 werd in de Weerribben voor het eerst sinds de jaren '60 voortplanting vastgesteld: een vers uitgeslopen dier werd ontdekt en later werden twee larvenhuidjes gevonden. Het vermoeden dat hier een kleine populatie aanwezig zou moeten zijn is in 2011 bevestigd. ‘Ook landelijk gezien is de sierlijke witsnuitlibel dus nog een behoorlijk zeldzaamheid,’ vertelt Hoogenstein. ‘Maar de soort is bezig met een langzame, maar gestage uitbreiding in westelijke richting, én wordt vooral in laagveenmoerassen met een goed ontwikkelde waterplantenvegetatie gevonden en nu dus ook in het Naardermeer,’ sluit Hoogenstein trots af.

 

Lees meer